Vestiging, invordering en geschillenprocedure van provincie- en gemeentebelasting gewijzigd.

Bij Decreet van 3 mei 2024 werd het Decreet van 30 mei 2008 betreffende de vestiging, de invordering en de geschillenprocedure van provincie- en gemeentebelastingen in het Vlaams Gewest, gewijzigd. Dit Decreet werd op 31 mei 2024 gepubliceerd in het Belgisch Staatsblad en trad op 10 juni 2024 in werking.

Het Decreet van 30 mei 2008 was de afgelopen zestien jaar quasi niet gewijzigd (behoudens een wijziging naar aanleiding van de wijziging van het Wetboek van de Inkomstenbelastingen en de invoering van het Invorderingswetboek). Ook nu wordt het Decreet enkel geactualiseerd, aangezien er zich in de praktijk quasi geen interpretatieproblemen voordoen, aldus de voorbereidende werkzaamheden.

 

De wijzigingen zijn als volgt samen te vatten :

  • Terminologische aanpassingen;
  • De wijzigingen zoeken aansluiting bij of vertalen de bestaande regelgeving en rechtspraak;
  • Met de wijzigingen tracht de decreetgever een aantal meer praktische vraagstukken op te lossen.

1)Terminologische aanpassingen en specifieke wijzigingen

Het begrip “financiële ambtenaar” wordt geïntroduceerd en betreft de financieel beheerder voor provinciebelastingen en de financieel directeur voor gemeentebelastingen.

Er wordt consequent gekozen voor het begrip belastingreglement, daar waar voorheen de begrippen belastingverordening en belastingreglement door elkaar werden gebruikt.

Een contantbelasting wordt niet langer “contant” betaald, maar wordt “zonder uitstel” betaald. Als de contantbelasting niet zonder uitstel geïnd kan worden, wordt ze ingekohierd en volgt ze de regels voor de kohierbelasting.

Bij het besluit tot uitvoerbaarverklaring van het kohier voegt het College en de Deputatie een bijlage met een opsomming van de betreffende kohiernummers. Zo staat onbetwistbaar vast welke inkohieringen uitvoerbaar zijn, aldus de voorbereidende werkzaamheden.

In de tekst van het Decreet wordt ook bevestigd dat de verzending van de eerste betalingsaanmaning gebeurt bij gewone zending en kosteloos is voor de belastingplichtige (zie ook het Invorderingswetboek).

 

2)Elektronische communicatie

De Decreetgever introduceert met de wijzingen aan het Decreet van 30 mei 2008, de elektronische communicatie met de belastingplichtige en dit op verschillende vlakken.   De aanbieding van bijvoorbeeld aanslagbiljetten via elektronische weg gebeurt met toepassing van het Bestuursdecreet van 7 december 2018. De instemming van de belastingplichtige met de verzending van het aanslagbiljet via elektronische weg, heeft tot gevolg dat fiscale berichten in de toekomst exclusief via die elektronische weg uitgewisseld kunnen worden. De heffing zal in dat geval volledig via elektronische weg kunnen worden afgehandeld.

Als de kennisgeving wordt verzonden via elektronische weg, waarbij elkeen een verschillend informatiesysteem gebruikt, geldt de datum van de elektronische verzending als datum van de kennisgeving en wordt het elektronisch bericht geacht te zijn ontvangen op de derde werkdag volgend op de datum van verzending.

 

3)Elektronische communicatie en termijnen

Zoals hiervoor reeds werd toegelicht kan de communicatie tussen de lokale overheid en de belastingplichtige ook langs elektronische weg verlopen. De verschillende communicatiemethodes hebben een invloed op de berekening van de termijnen.

Alle communicatie tussen de belastingplichtige / belastingschuldige en de lokale overheid kan via gewone of aangetekende post gebeuren. In dat geval wijzigt er in feite niets. De kennisgeving (van bijvoorbeeld het aanslagbiljet of de kennisgeving aanslag van ambtswege) wordt in dat geval geacht te zijn ontvangen op de derde werkdag die volgt op de datum van verzending van de kennisgeving.

De tijdstippen van verzending en ontvangst van elektronische berichten zal verschillen naar gelang het informatiesysteem dat wordt gebruikt. Indien de overheid en de belastingplichtige hetzelfde informatiesysteem gebruiken gebeurt de verzending naar de belastingplichtige op het tijdstip waarop het elektronisch bericht toegankelijk wordt voor de geadresseerde (dit is het tijdstip van kennisgeving) en omgekeerd op het tijdstip waarop het elektronisch bericht het informatiesysteem van de overheid bereikt. Indien de overheid en de belastingplichtige een verschillend informatiesysteem gebruiken  is het bericht door de overheid verzonden op het tijdstip waarop het bericht het systeem van de overheid verlaat en omgekeerd is het bericht naar de overheid verzonden op het tijdstip waarop het elektronisch bericht het informatiesysteem van de overheid bereikt.

Als de kennisgeving wordt verzonden via elektronische weg, waarbij elkeen een verschillend informatiesysteem gebruikt, geldt de datum van de elektronische verzending als datum van de kennisgeving en wordt het elektronisch bericht geacht te zijn ontvangen op de derde werkdag volgend op de datum van verzending.

 

4)Het aanslagbiljet

Het aanslagbiljet dat, mits toestemming van de belastingplichtige, langs elektronische weg kan worden verzonden, zal niet langer het reglement of een samenvatting van het reglement moeten bevatten. Er moet enkel nog worden verwezen naar de vindplaats van het belastingreglement.

 

5)Onderzoek en controle

Met de invoering van het Decreet over het Lokaal Bestuur werd vanuit de gemeenten ook de vraag gesteld of ook OCMW-personeel fiscale onderzoeksbevoegdheden kon krijgen. Deze onderzoeksbevoegdheden worden nu geformaliseerd in artikel 5 van het Decreet van 30 mei 2008.

 

6)Ambtshalve aanslag

Artikel 7 van het Decreet wordt vrij grondig gewijzigd.

  • Aangifte

Een belastingreglement kan aan de belastingplichtige opleggen een aangifte te doen. In dat geval moet het belastingreglement de uiterste datum voor de indiening van de aangifte vermelden. Het is dus onvoldoende dat een belastingreglement een aangiftetermijn, zoals bijvoorbeeld “dertig dagen na ontvangst van het aangifteformulier” vermeldt. Deze praktijk werd ten andere in recente rechtspraak ernstig bekritiseerd en gaf aanleiding tot nietige belastingaanslagen. De aangiftetermijn zal moeten worden voorzien in het belastingreglement.

Er kan worden voorzien in de mogelijkheid van indiening van de aangifte langs elektronische weg.

In het Decreet wordt ook het zogenaamde voorstel van aangifte geformaliseerd. Een praktijk die al door heel wat lokale overheden wordt toegepast en zorgt voor minder administratieve rompslomp.

  • Ambtshalve aanslag : formaliteiten

Als er geen, geen juiste of geen volledige aangifte is gedaan voor de aangiftedatum vermeld in het belastingreglement, kan het College of de Deputatie de belasting ambtshalve vestigen op basis van de gegevens waarover ze beschikt.

Het vestigen van een ambtshalve aanslag gaat gepaard met een administratieve procedure, waarbij de belastingplichtige voorafgaandelijk  op de hoogte moet worden gebracht van :

  • De redenen waarom de procedure wordt toegepast;
  • De elementen waarop de belasting is gebaseerd en de wijze van bepaling van die elementen;
  • Het bedrag van de belasting.

De kennisgeving kan elektronisch worden verzonden (zie ook hiervoor voor de berekening van de termijnen).

Aan deze procedurevoorschriften wordt verder niets gewijzigd.

  • Belastingverhoging

Een ambtshalve aanslag kan gepaard gaan met een belastingverhoging (mits voorzien in het belastingreglement). Op dat vlak is er niets nieuws, behoudens dat deze belastingverhoging ook afzonderlijk moet worden gemotiveerd in de kennisgeving aanslag van ambtswege.

Nieuw is wel dat iedereen die gehouden is tot een belastingverhoging een verzoek tot kwijtschelding of vermindering kan indienen bij het College of de Deputatie, voor zover deze belastingverhoging niet meer onderhevig is aan het bezwaar of enig rechterlijk beroep. De belastingverhoging kan worden verminderd of kwijtgescholden als persoonlijke en feitelijke omstandigheden eigen aan het geval dat redelijk verantwoorden en de belastingplichtige blijk geeft van goede trouw.

 

7)Administratieve geldboete

De administratieve geldboete zal voortaan enkel nog gelijktijdig en samen met de belasting kunnen worden ingekohierd en ingevorderd. Derden kunnen dus niet meer worden beboet. Volgens de voorbereidende werkzaamheden kunnen lokale overheden hiervoor wel terugvallen op de dwangsom of buitencontractuele aansprakelijkheid.

Ook de administratieve geldboete zal moeten worden gemotiveerd en een verzoek tot kwijtschelding of vermindering is eveneens mogelijk, zoals bij de belastingverhoging.

 

8)Bezwaarprocedure

De bepalingen inzake de bezwaarprocedure worden, behoudens de mogelijkheid tot elektronische communicatie en de gevolgen inzake de berekening van de termijnen en behoudens terminologische aanpassingen, niet ingrijpend gewijzigd.

De lokale overheid kan de mogelijkheid voorzien om het bezwaar langs elektronisch weg in te dienen. In dat geval geldt de datum van elektronische verzending als datum van indiening van het bezwaar.

 

9)Invordering : rol van de notaris

De notaris zal bij de opmaak van een verkoopovereenkomst of een overeenkomst tot hypothecaire aanwending van een onroerend goed, ook de bevoegde financiële ambtenaar van het ambtsgebied waar het onroerend goed is gelegen, daarvan op de hoogte moeten brengen.

Deze bepaling zal voor het eerst van toepassing zijn op de akten die vanaf twee maanden na inwerkintreding van het gewijzigd decreet worden verleden, zijnde aldus vanaf 10 augustus 2024.

 

10)GDPR

In een afzonderlijk artikel 11/1 wordt er in het Decreet een kader voor de verwerking van persoonsgegevens bij de vestiging en invordering van lokale belastingen en de behandeling van bezwaren daartegen, ingevoerd en dit volgens de vereisten van de Algemene Verordening Gegevensbescherming.

 


Voor verdere vragen omtrent deze wijzigingen aan het Decreet van 30 mei 2008 kan u steeds een beroep doen op DVDTAXLAW : lu**********@dv*******.be

 

 

 

 

 

Doolaege, Verbist & De Meyere BV
Koning Albertlaan 165
9000 Gent
BE 0647.999.788

+32 (0) 9 242 80 10
info@dvdtaxlaw.be