Nieuwe procedure om in het verleden begane (federale) fiscale inbreuken te regulariseren in werking getreden
In ons nieuwsbericht van 12 februari 2025 lichtten wij reeds toe dat de nieuwe federale regering zich in het op 31 januari jl. gesloten federaal regeerakkoord ertoe verbonden had om een “nieuwe” permanente (para)fiscale regularisatie uit te werken.
In uitvoering van dit regeerakkoord werd op 18 juli 2025 een programmawet goedgekeurd, die op 29 juli 2025 in het Belgisch Staatsblad werd gepubliceerd. De hoofdstukken 5 en 7 van deze programmawet voeren “opnieuw” een permanent systeem inzake fiscale en sociale regularisatie in.
Deze procedures geven aan de aangevers (opnieuw) de mogelijkheid om hun federale fiscale toestand te regulariseren bij het Contactpunt regularisaties van de Federale Overheidsdienst Financiën teneinde zowel fiscale als strafrechtelijke immuniteit te bekomen.
Modaliteiten
In vergelijking met de procedure die tot eind 2023 bestond, is de (op)nieuw ingevoerde regularisatieprocedure quasi identiek:
- De regularisatieaangiftes moeten opnieuw ingediend worden bij het Contactpunt regularisaties, dat (opnieuw) bij de federale dienst “voorafgaande beslissingen in fiscale zaken” wordt opgericht.
- Er wordt opnieuw voorzien in een omkering van de bewijslast. De inkomsten, de sommen, de btw-handelingen en de fiscaal verjaarde kapitalen, of het gedeelte ervan waarvan de aangever niet aan de hand van schriftelijk bewijs kan aantonen dat ze hun normale belastingregime hebben ondergaan, moeten worden geregulariseerd.
- De aangegeven ‘fiscaal verjaarde kapitalen’ worden onderworpen aan een heffing tegen een (forfaitair) tarief van 45 percentpunten op het kapitaal. Dit betreft een aanzienlijke verstrenging t.o.v. de procedure die tot eind 2023 bestond (toen het tarief 40 percentpunten bedroeg).
- De aangegeven (fiscaal niet verjaarde) inkomsten worden onderworpen aan een heffing tegen het normale tarief dat van toepassing is met betrekking tot het belastbaar tijdperk waarin deze inkomsten werden behaald of verkregen, verhoogd met 30 percentpunten. Ook dit houdt een aanzienlijke verstrenging in t.o.v. de procedure die tot eind 2023 bestond (toen de verhoging 25 percentpunten bedroeg).
- De niet-verjaarde sociale bijdragen op beroepsinkomsten kunnen geregulariseerd worden mits betaling van een aanvullende sociale heffing die overeenkomt met 20 % van de beroepsinkomsten waarop deze bijdragen verschuldigd waren.
Inwerkingtreding
De wet voorziet dat de hoofdstukken die voorzien in de nieuwe regularisatieprocedure in werking treden op de dag van de bekendmaking van de wet in het Belgisch Staatsblad, dus op 29 juli 2025.
Dit betekent dus dat er in theorie in principe vanaf 29 juli 2025 opnieuw regularisatieaangiftes kunnen worden ingediend. Eén en ander zal evenwel afhankelijk zijn van de termijn binnen dewelke het Contactpunt regularisaties (opnieuw) operationeel zal zijn. Dit zal vermoedelijk nog enige tijd duren.
Onze evaluatie
Enerzijds is de inwerkingtreding van voormelde procedure goed nieuws, omdat de impasse – waarbij er tot voor kort geen mogelijkheid bestond om in het verleden begane inbreuken te regulariseren – beëindigd wordt.
Anderzijds werden alle modaliteiten van de vorige regularisatieprocedure (die tot eind 2023 bestond) (en alle bestaande of inherente inconsequenties) behouden. Zoals gesignaleerd in ons bericht van 12 februari 2025, bestond de hoop dat de vorige procedure aan een grondige evaluatie onderworpen zou worden, waarbij de inconsequenties verholpen zouden worden. Dit is blijkbaar niet gebeurd, hetgeen o.i. te betreuren is.
Bovendien valt het op dat de in het regeerakkoord aangekondigde uitzondering voor “belastingplichtigen die goede trouw kunnen aantonen” uiteindelijk niet opgenomen werd in de goedgekeurde wettekst. Er werd gehoopt dat deze uitzondering een oplossing zou bieden voor bijvoorbeeld personen die bij schenking of erfenis een (Belgisch of buitenlands) vermogen hebben verkregen en die in veel gevallen geen zicht (kunnen) hebben op de historiek van dit vermogen. Voor deze personen wordt dus niet in een afwijkende regeling voorzien (hoewel dit in enkele eerdere (voor)ontwerpen wel voorzien geweest zou zijn). Ook dit gegeven is te betreuren.
De nieuwe procedure benadrukt o.i. des te meer de noodzaak om in ieder dossier een grondig onderzoek naar de herkomst van het vermogen teneinde de concrete fiscale en strafrechtelijke risico’s te kunnen inschatten. In functie daarvan dient dan de noodzaak van een fiscale regularisatie beoordeeld te worden. Indien blijkt dat een fiscale regularisatie noodzakelijk zou zijn, is het – gelet op de verstrenging van de tarieven – eens te meer aangewezen dat al het mogelijke gedaan wordt om aan te tonen dat minstens een deel van het vermogen zijn normale belastingregime ondergaan heeft.
Gewestelijke belastingen (?)
Tot slot dient opgemerkt te worden dat door middel van de ingevoerde procedure alleen inbreuken inzake de federale belastingen geregulariseerd kunnen worden. Vermoedelijk zullen ook de gewesten initiatieven ondernemen teneinde te voorzien in een procedure waarbij ook gewestelijke belastingen (zoals erf- en schenkbelasting) geregulariseerd zullen kunnen worden.
Indien u hieromtrent verdere vragen hebt of bijstand wenst, kan u contact opnemen met Mr. Laurens Vergauwe of Mr. Ann Verbist.

