Gastcollege UGent: belasting op crypto in België – een praktisch overzicht van de fiscale regels (2026)

Op 11 maart 2026 gaf mr. Stijn Plas (DVDTAXLAW) een gastcollege aan de Universiteit van Gent over de belasting van cryptomunten in België. Het college kaderde binnen de opleiding rechten, meer bepaald binnen het vak ‘vermogensfiscaliteit’.

Tijdens dit gastcollege werd een praktisch overzicht gegeven van:

  • de juridische aard van crypto-activa (incl. NFT’s)
  • de belasting van crypto-meerwaarden in de personenbelasting, inclusief de impact van het wetsontwerp tot invoering van een algemene meerwaardebelasting op financiële activa (Parl.St. Kamer 2025-2026, nr. 56, 1244)
  • de fiscale behandeling van staking rewards, mining rewards en andere crypto-inkomsten (airdrops, forks, liquidity rewards)
  • de administratieve verplichtingen voor Belgische cryptobeleggers (aangifte buitenlandse rekening bij het CAP, opmaak van een repatrieringsdossier, enz.)
  • de aankomende internationale gegevensuitwisseling via DAC8 en CARF
  • vermogensplanning met crypto: schenken (handgift, cryptogift en notariële schenking) en legateren van crypto

Het doel van het college was studenten een globaal maar juridisch onderbouwd overzicht te bieden van de belangrijkste fiscale regels waarmee een Belgische cryptobelegger vandaag rekening moet houden.

Download hier de presentatie ‘Beleggen in cryptomunten: een praktische bespreking van de fiscale aspecten (met inbegrip van vermogensplanning)’.


Wat zijn cryptomunten?

Cryptomunten zijn digitale activa die gebruikmaken van blockchaintechnologie om transacties gedecentraliseerd te registreren en te valideren. Er bestaat geen algemeen aanvaarde definitie, maar zowel de Anti-witwaswet (art. 4, 35°/1), de MiCA-verordening (art. 3, (1), 5°) als het wetsontwerp meerwaardebelasting (nieuw art. 92, §1, c) WIB) bevatten elk hun eigen wettelijke definitie van “crypto-activa”.

Kenmerkend voor crypto-activa is dat ze niet worden uitgegeven door een centrale bank of overheid, werken via een gedecentraliseerd netwerk van computers (miners of stakers), worden opgeslagen in digitale wallets en rechtstreeks tussen gebruikers kunnen worden overgedragen, zonder tussenkomst van een financiële tussenpersoon.

Bekende voorbeelden zijn Bitcoin (BTC), Ethereum (ETH), Solana (SOL) en Cardano (ADA). Daarnaast bestaan er duizenden andere crypto-activa, waaronder governance tokens, privacycoins, stablecoins en NFT’s.

Belangrijk om te weten: cryptomunten zijn geen wettig betaalmiddel in België. Krachtens artikel 11 van Verordening 974/98 heeft uitsluitend de euro in de eurozone de hoedanigheid van wettig betaalmiddel. Partijen kunnen wel contractueel overeenkomen om in cryptomunten te betalen. Cryptomunten vallen bovendien niet onder het Europees depositogarantiestelsel (bescherming tot 100.000 EUR per bank), wat een bijkomend risico inhoudt bij faillissement of hacking van een handelsplatform (zie onder meer Mt.Gox (2014), FTX (2022) en Bit4you (2023)).

Hoe worden cryptomunten fiscaal behandeld in België?

De fiscale behandeling van crypto in België is momenteel nog gebaseerd op algemene fiscale principes.

Hierbij kan een belangrijk onderscheid worden gemaakt tussen:

  1. meerwaarden
  2. inkomsten uit crypto
  3. vermogensplanning

Daarnaast zal binnenkort ook de nieuwe meerwaardebelasting op financiële activa een rol spelen.

Lees ook onze uitgebreide analyse van de impact van de nieuwe meerwaardebelasting op de Belgische cryptobelegger.

Wanneer zijn crypto-meerwaarden belastbaar?

Een cruciaal uitgangspunt is dat latente meerwaarden niet belastbaar zijn: het louter bezitten van cryptomunten heeft geen fiscale gevolgen.

Een belasting kan pas ontstaan wanneer een meerwaarde wordt gerealiseerd, d.w.z. wanneer een cryptomunt het vermogen verlaat in ruil voor een tegenprestatie. Dat is het geval bij verkoop in fiat-geld (bv. EUR), omzetting naar een andere cryptomunt én bij aankoop van goederen of diensten met crypto (ook een pizza of een Tesla). Dit werd bevestigd door de Minister van Financiën (Vraag nr. 1338, Vr. en Antw. Kamer 2022-2023, nr. 55/105, 182) en opgenomen in de memorie van toelichting bij het wetsontwerp meerwaardebelasting.

De belastbaarheid staat bovendien los van het moment waarop de beleggingsopbrengsten daadwerkelijk worden gerepatrieerd naar een Belgische bankrekening.

Drie mogelijke fiscale kwalificaties van crypto-meerwaarden

In de personenbelasting zijn drie kwalificaties mogelijk, rekening houdend met het nog goed te keuren wetsontwerp meerwaardebelasting op financiële activa:

1. Normaal beheer van privévermogen

Wanneer iemand zijn cryptomunten aanhoudt als een zogenaamde “goede huisvader”, is er sprake van normaal beheer. Relevante criteria zijn onder meer het risico op het privévermogen, de beleggingshorizon (eerder lange termijn) en de intensiteit van de activiteit (eerder passief). De Rulingdienst hanteert als richtsnoeren: maximum 25% van het roerend vermogen geïnvesteerd in crypto, maximaal 1 à 3 transacties per maand en een houdperiode van in principe 2 à 3 jaar. Deze parameters zijn evenwel geen wet en zijn niet bindend voor de rechtbanken.

Onder het wetsontwerp meerwaardebelasting geldt voor dit regime:

  • historische meerwaarden t.e.m. 31 december 2025 blijven vrijgesteld (fotomoment)
  • de waardestijging vanaf 1 januari 2026 wordt belast aan een vlak tarief van 10%, zonder aanvullende gemeentebelasting
  • er geldt een jaarlijkse voetvrijstelling van 10.000 EUR (geïndexeerd voor aanslagjaar 2027), met beperkte overdraagbaarheid van 1.000 EUR x 5 jaar
  • de belastbare grondslag wordt berekend volgens de FIFO-methode; kosten zijn niet aftrekbaar; minderwaarden zijn enkel aftrekbaar van meerwaarden in hetzelfde jaar

Overeenkomstig de antwoorden van de Minister van Financiën in de Commissie voor Financiën en Begroting zou de overgrote meerderheid van de Belgische cryptobeleggers onder dit regime vallen.

Lees ook onze meer algemene toelichting over de berekening en de basisprincipes van de nieuwe meerwaardebelasting van 10%.

2. Abnormaal beheer (waaronder speculatie)

Wanneer de crypto-activiteit een speculatief of abnormaal karakter vertoont — denk aan daytrading, gebruik van geleend geld of een korte beleggingshorizon — kunnen de meerwaarden worden belast als divers inkomen. Het tarief bedraagt 33%, te verhogen met de aanvullende gemeentebelasting. In dit geval zijn kosten wél aftrekbaar en zijn minderwaarden overdraagbaar over vijf jaar. De beoordeling is steeds een feitenkwestie (case-by-case).

Het is aan de fiscus om het abnormale karakter aan te tonen.

3. Beroepsinkomen

In uitzonderlijke situaties kan crypto-handel worden beschouwd als een beroepsactiviteit.

Dan worden de inkomsten belast als beroepsinkomen:

  • progressieve tarieven tot 50%
  • sociale bijdragen
  • boekhoudkundige verplichtingen

Volgens de rulingpraktijk komt dit slechts in uitzonderlijke gevallen voor.

Voor meer info verwijzen wij naar ons eerder nieuwsbericht met een overzicht van de meest relevante criteria die bepalen of uw meerwaarden vallen onder normaal beheer, abnormaal beheer of beroepsinkomen.

Belastingen op staking, mining en andere crypto-inkomsten

Naast meerwaarden kunnen cryptobeleggers ook andere inkomsten ontvangen. De fiscale kwalificatie ervan is complex en hangt af van de concrete omstandigheden.

1. Mining rewards

Bitcoin-mining vereist aanzienlijke investeringen in gespecialiseerde hardware, energie en kennis. De Minister van Financiën en de Dienst Voorafgaande Beslissingen (DVB) beschouwen mining-inkomsten daarom in de regel als beroepsinkomen (Vraag nr. 7-1738, Vr. en Antw. Senaat 2021-2022; Jaarverslag DVB 2020; VB 19 augustus 2025, nr. 2025.0418).

Voor eenvoudigere vormen van mining — waarbij de rekenkracht van een gewone thuiscomputer volstaat (bv. Monero, Zcash) — kan nochtans een gunstigere kwalificatie worden verdedigd, nu extra investeringen noch specifieke kennis zijn vereist.

2. Staking rewards

‘Staking’ is een containerbegrip dat verschillende mechanismen dekt. Er is een belangrijk onderscheid tussen off-chain staking (via het handelsplatform zelf, vergelijkbaar met een spaar- of termijnrekening) en on-chain staking (vanuit de eigen wallet, met bijdrage aan de validatie van transacties).

De Rulingdienst nam recentelijk het standpunt in dat staking rewards steeds belastbaar zijn als roerend inkomen in de vorm van interest (VB 18 maart 2025, nr. 2025.0061; VB 15 april 2025, nr. 2025.0123). Vanuit die optiek zou elke staking reward dus belastbaar zijn aan 30%, en dit in principe zonder kostenaftrek.

Dit standpunt is naar onze mening onvoldoende genuanceerd. Een meer correcte benadering maakt minstens een onderscheid tussen: (i) off-chain staking (interest, art. 17, §1, 2° WIB), (ii) passieve on-chain delegatie (inkomen uit gebruik van roerende goederen, art. 17, §1, 3° WIB, met recht op werkelijke kostenaftrek of forfait van 15%) en (iii) actieve on-chain validatie door de belastingplichtige zelf (divers inkomen of beroepsinkomen).

3. Airdrops, forks en liquidity rewards

Andere vormen van inkomsten zijn onder meer:

  • airdrops (gratis tokens)
  • forks
  • liquidity rewards

De fiscale kwalificatie hangt af van de concrete omstandigheden.

Als vuistregel geldt: inkomsten die automatisch worden ontvangen zonder enige prestatie of inspanning en die niet kunnen worden geweigerd, zijn in principe vrijgesteld. Worden munten actief ter beschikking gesteld of ingezet met het oog op vergoeding, dan zijn ze belastbaar:

  • als roerend inkomen (interest of gebruik van roerende goederen) wanneer de substantie niet wordt aangetast,
  • of als divers inkomen wanneer de substantie wél wordt aangetast.
    a

Moet een account bij een buitenlandse crypto-exchange worden aangegeven als buitenlandse rekening?

Op grond van artikel 307, §1/1, lid 1, a) WIB moet het bestaan van rekeningen bij buitenlandse bank-, wissel-, krediet- of spaarinstellingen worden vermeld in de jaarlijkse aangifte personenbelasting en (eenmalig) worden gemeld bij het Centraal Aanspreekpunt van rekeningen en financiële contracten (CAP).

Eigen wallets (non-custodial wallets) moeten niet worden aangegeven of gemeld. Over de vraag of een custodial wallet bij een buitenlandse exchange aangifteplichtig is, bestaat discussie in de rechtsleer. De Minister van Financiën stelde dat dit het geval is wanneer de tussenpersoon beroepshalve financiële diensten verleent die vergelijkbaar zijn met die van Belgische financiële instellingen (Vr. en Antw. Kamer 2023-24, nr. 55-134, 235).

In de praktijk adviseren wij om accounts bij buitenlandse exchanges steeds aan te geven, desnoods ten overvloede. De niet-aangifte van een buitenlandse rekening blijkt in de praktijk immers systematisch beschouwd te worden als een aanwijzing van fraude, met belastingverhogingen van 50% tot 200% tot gevolg.

De aangifte dient jaarlijks te gebeuren in de aangifte personenbelasting (VAK XIII, rubriek A). Als rekeningnummer kan het best het account-ID of het inlogmailadres worden gebruikt; het land is dit van de entiteit die contracteert met EU-inwoners.

Zal de fiscus in de toekomst een beter zicht krijgen op mijn cryptovermogen?

Momenteel is het cryptovermogen van Belgische belastingplichtigen voor de fiscus grotendeels een blinde vlek. Dat zal op korte termijn veranderen door twee parallelle ontwikkelingen.

Ten eerste zullen gecentraliseerde handelsplatformen vanaf 2027 jaarlijks een waslijst aan gegevens automatisch uitwisselen met de belastingdiensten van de betrokken lidstaten, op grond van de DAC8-richtlijn (Richtlijn EU 2023/2226 van 17 oktober 2023) en de CARF-standaard van de OESO. De gegevensuitwisseling zal betrekking hebben op aankopen, verkopen, omzettingen, transfers naar non-custodial wallets, staking rewards en andere crypto-inkomsten. De eerste uitwisseling betreft het kalenderjaar 2026 en zal in 2027 aan de Belgische fiscus worden overgemaakt.

Ten tweede voorziet de nieuwe meerwaardebelasting in een aangifteplicht voor elke cryptobelegger, ook wanneer de meerwaarden vallen onder het regime van normaal beheer. Hieruit volgt dat de fiscus ook via de aangifte personenbelasting zicht zal krijgen op crypto-meerwaarden en de gehanteerde kwalificatie.

Vermogensplanning met crypto

Cryptomunten lenen zich ook tot familiale vermogensplanning.

Schenken van cryptomunten

Cryptomunten zijn juridisch onlichamelijke roerende goederen en kunnen worden geschonken. Drie technieken zijn mogelijk:

Een notariële schenking biedt rechtszekerheid (geen verdachte periode van vijf jaar), kan worden gecombineerd met een voorbehoud van vruchtgebruik (bv. om staking rewards te blijven ontvangen) en is onderworpen aan schenkbelasting (3% in rechte lijn en tussen partners, 7% tussen anderen in het Vlaams Gewest)

Een handgift is mogelijk wanneer de private key fysiek wordt overhandigd (via een paper wallet of hardware wallet), op voorwaarde dat de schenker geen kopie bewaart. Onlichamelijke roerende goederen zijn in principe uitgesloten van een handgift, maar cryptomunten kunnen worden beschouwd als belichaamd in de drager van de private key — vergelijkbaar met vroegere aandelen aan toonder.

Een cryptogift (onrechtstreekse schenking) bestaat uit een overschrijving van de wallet van de schenker naar de wallet van de begiftigde, met begiftigingsinzicht — vergelijkbaar met de klassieke bankgift. Op grond van het Vlabel-standpunt SP 22018 van 13 januari 2025 wordt elektronische ondertekening aanvaard en geldt de datum van creditering als datum van de gift.

Bij handgiften en cryptogiften dient de schenker nog minstens vijf jaar te leven; overlijdt hij eerder, dan is de hogere erfbelasting verschuldigd over de geschonken goederen.

Cryptomunten en de nalatenschap

Erfgenamen zijn vaak niet op de hoogte van het bestaan van cryptomunten in eigen beheer. Voor cryptomunten die worden aangehouden op gecentraliseerde platforms zal DAC8 en de CAP-melding soelaas brengen. Voor cryptomunten in eigen wallet — waarbij geen derde kan worden gecontacteerd — is een praktische oplossing vereist: verduidelijk in (een nota bij) het testament (i) dát er cryptomunten bestaan, (ii) waar ze zich bevinden en (iii) hoe men er toegang toe krijgt (bv. de locatie van de private key of hardware wallet, niet de sleutel zelf).

Waardering in de aangifte nalatenschap

Cryptomunten worden gewaardeerd aan de verkoopwaarde op de dag van overlijden (art. 2.7.3.3.1 VCF). De bijzondere waarderingsregel voor beursgenoteerde financiële instrumenten (art. 2.7.3.3.2, lid 2 VCF) is niet van toepassing op cryptomunten: bij de vererving van crypto-activa hebben de erfgenamen dus geen keuze tussen de koers op datum van overlijden, één maand later of twee maanden later. Naar onze mening zouden de erfgenamen kunnen argumenteren dat er hierdoor sprake is van een schending van het gelijkheidsbeginsel.

Zijn de cryptomunten onbeschikbaar omdat de private key ontbreekt, dan bedraagt de aan te geven waarde 0 EUR. Wordt de private key later teruggevonden, dan moet een nieuwe aangifte worden ingediend op grond van artikel 3.3.1.0.6, lid 1, 2° VCF.


DVDTAXLAW beschikt over een erkende en uitgebreide expertise inzake de fiscaliteit van cryptomunten. Het kantoor begeleidt reeds jarenlang belastingplichtigen bij het bepalen van hun fiscale kwalificatie, het fiscaal optimaliseren van hun situatie, het verlenen van bijstand bij de aangifte en het verdedigen van de belangen van de belastingplichtige in geval van een fiscale controles, een bezwaarprocedure of een procedure voor de rechtbank.

Neem gerust contact op voor een concreet advies of professionele bijstand.

Doolaege, Verbist & De Meyere BV
Koning Albertlaan 165
9000 Gent
BE 0647.999.788

+32 (0) 9 242 80 10
info@dvdtaxlaw.be