Samenvatting – Probleemstelling
Juridische leegstand komt voor wanneer een woning of gebouw wel wordt gebruikt, maar niet overeenkomstig zijn stedenbouwkundig vergunde functie. Heel wat gemeentelijke belastingreglementen stellen dergelijke juridische leegstand gelijk met effectieve leegstand en onderwerpen deze aan een leegstandsbelasting.
Op die manier kunnen dus als zijnde leegstaand worden beschouwd (dit met het oog op het heffen van een leegstandsbelasting):
- de woningen en gebouwen die niet worden gebruikt: dit zijn de effectief leegstaande woningen en gebouwen; maar ook
- de woningen en gebouwen die wel worden gebruikt, doch niet overeenkomstig hun stedenbouwkundig vergunde functie: dit zijn de zogenaamde juridisch leegstaande woningen en gebouwen.
Welnu, de opname in het leegstandsregister en het vervolgens belasten van laatstgenoemde categorie woningen en gebouwen (m.n. de louter juridisch leegstaande woningen en gebouwen) ligt onder vuur.
Recente rechtspraak over juridische leegstand en leegstandsbelasting
In twee recente arresten van Hof van Beroep Gent werd immers beslist dat een gemeentelijk belastingreglement, dat voorzag in de registratie en het belasten van louter juridische leegstand, onwettig was, waardoor het op grond van artikel 159 van de Grondwet buiten toepassing moest worden gelaten.
Het Hof van Beroep kwam in beide arresten tot dit besluit omdat het gemeenten niet is toegestaan om in het kader van hun fiscale bevoegdheden stedenbouwkundige overtredingen (zoals het niet overeenkomstig de stedenbouwkundig vergunde functie gebruiken van onroerende goederen) te sanctioneren; en in één van de arresten voegde het Hof daar bovendien ook nog aan toe dat er een schending voorlag van het gelijkheidsbeginsel aangezien er – rekening houdende met het doel van het betrokken belastingreglement, namelijk het bestrijden van de verloedering – geen redelijke verantwoording voorhanden was om enerzijds effectieve leegstand en anderzijds louter juridische leegstand op een identieke wijze te behandelen/te belasten.
Conclusie
De opname in het leegstandsregister en het vervolgens belasten van louter juridisch leegstaande woningen en gebouwen ligt onder vuur in de rechtspraak.
Zakelijk gerechtigden van louter juridisch leegstaande woningen en gebouwen kunnen zich dan ook, wanneer zij zich geconfronteerd zien met een leegstandsbelasting, op de hierboven besproken rechtspraak proberen te beroepen.
Voor gemeenten van hun kant lijkt het dan weer aangewezen om, rekening houdende met de hierboven besproken rechtspraak, de belastingreglementen op leegstand te herevalueren.
Zakelijk gerechtigden en gemeenten die in dit verband de bijstand wensen van ons kantoor, kunnen ons hierover uiteraard steeds contacteren.
Ons kantoor beschikt in dit verband immers – zoals ook blijkt uit eerdere nieuwsberichten over de belasting op leegstand, verwaarlozing, ongeschiktheid en/of onbewoonbaarheid – over een ruime expertise.